• 900x270pixels-1
  • 900x270pixels-2
  • 900x270pixels-4
1 2 3
 

Van flex naar vast? Meeste kans in onderwijs

Bron: 01-01-1970
Voor het onderzoek heeft het CBS 748.000 werknemers gevolgd die in 2015 in een flexibele baan begonnen en geen onderwijs meer volgden. Daarbij is gekeken naar hun arbeidsmarktpositie bij uitstroom in 2016. Van die werknemers zat 56% een jaar later nog steeds in de flexibele schil. Zij hadden een flexbaan of zaten korte tijd zonder werk totdat ze opnieuw in een flexbaan begonnen (CBS telt ook werknemers die maximaal twee maanden een vaste baan hadden als flexwerkers. Het betreft werknemers die na de proefperiode zijn gestopt). Slechts 11% stroomde uit naar een vaste baan en 4% ging als zelfstandige aan de slag. Daarnaast had 16% direct na uitstroom een uitkering, en 13% had werk noch uitkering.
Het percentage instromers dat na een jaar nog steeds in de flexibele schil verblijft is tussen 2010 en 2015 toegenomen van 48% naar 56%. Het aandeel flexwerkers die naar een vaste baan gingen nam af van 14% naar 11%. Wel kwam het minder vaak voor dat uitstromers direct na afloop van hun flexperiode geen werk hadden.
De doorstroom naar een vaste baan kwam naar verhouding het vaakst voor bij instromers in het onderwijs. Van de ruim 45.000 instromers in het onderwijs had 34% binnen een jaar een vaste baan. Deze doorstroom is aanzienlijk hoger dan in andere bedrijfstakken. Het onderwijs was ook de enige bedrijfstak waar de doorstroom naar een vaste baan hoger was dan vijf jaar eerder (2010: 24%). In alle andere bedrijfstakken was de doorstroom naar een vaste baan lager dan in 2010. In 2016 telde het onderwijs 514.000 banen, waarvan 72% vast. Dit is aanzienlijk hoger dan het gemiddelde voor alle werknemers: 63%.
Bijna 60% van de werknemers die in een flexibele baan begonnen in de bedrijfstak landbouw, bosbouw en visserij, had direct na het beëindigen van de flexperiode geen werk. Van de flexwerkers in de bedrijfstak cultuur, sport en recreatie begon 10% in het jaar erna als zelfstandige.
De doorstroom naar een vaste baan hangt ook samen met leeftijd. Werknemers van 45 tot 55 jaar stromen naar verhouding het vaakst door naar een vaste baan (14%), al raken in vergelijking met de groep 35- tot 45-jarige werknemers wel vaker zonder werk. Jongeren van 15 tot 25 jaar stromen met 7% relatief het minste door naar een vaste baan.
Bron: CBS 26-10-2018